Wat betekent Hebreeën 1:8?

Ook een Drieeenheid

Wat betekent Hebreeën 1:8 precies?

NBG luidt: „Van den Zoon [zegt Hij]: Uw troon, o God, is in alle eeuwigheid.” (Lu, LV, OB, WV en SV hebben woorden van dezelfde strekking.) NW (de eerlijkste vertaling) luidt echter: „Maar met betrekking tot de Zoon: ’God is uw troon in eeuwigheid.’” 

De Context (omliggende verzen)

Welke weergave stemt overeen met de context? De voorafgaande verzen zeggen dat God aan het woord is, niet dat hij toegesproken wordt; en het volgende vers gebruikt de uitdrukking „God, uw God”, wat aantoont dat degene die wordt toegesproken, niet de Allerhoogste God is maar een aanbidder van die God. In Hebreeën 1:8 wordt een aanhaling gedaan uit Psalm 45:7 [6], die oorspronkelijk gericht was tot een menselijke koning van Israël. Het spreekt vanzelf dat de bijbelschrijver die deze psalm optekende, niet dacht dat deze menselijke koning de Almachtige God was. In plaats daarvan luidt Psalm 45:7 in WV: „Uw troon, naar Gods wil.” (In GNB staat: „Vast staat uw troon als de troon van God.”) Van Salomo, die waarschijnlijk de koning was die oorspronkelijk in Psalm 45 werd toegesproken, werd gezegd dat hij „op Jehovah’s troon” zat (1 Kron. 29:23, NW). In overeenstemming met het feit dat God de „troon” of Bron en Instandhouder van Christus’ koningschap is, laten Daniël 7:13, 14 en Lukas 1:32 zien dat God hem een dergelijke autoriteit verleent. 

Psalm 45: 7 en 8 (of 6 en 7)

Over Psalm 45:7, 8 [6, 7], waaruit in Hebreeën 1:8, 9 een aanhaling wordt gedaan, zegt de bijbelgeleerde B. F. Westcott: „De LXX laat twee vertalingen toe: [ho theʹos] kan in beide gevallen als een vocatief worden opgevat (Uw troon, o God, . . . daarom heeft, o God, Uw God . . .) of het kan worden opgevat als het onderwerp (of het predikaat) in het eerste geval (God is Uw troon, of Uw troon is God . . .), en als bijstelling bij [ho theʹos sou] in het tweede geval (Daarom heeft God, ja Uw God . . .). . . . Het is bijna onmogelijk dat [ʼElo·himʹ] in het origineel tot de koning gericht is. De voor de hand liggende veronderstelling pleit derhalve tegen de mening dat [ho theʹos] in de LXX een vocatief is. 

Conclusie

Over het geheel genomen, schijnt het dus het beste om in de eerste passage de vertolking te aanvaarden: God is Uw troon (of: Uw troon is God), dat wil zeggen: ’Uw koninkrijk is gegrond op God, de onwrikbare Rots.’” — The Epistle to the Hebrews (Londen, 1889), blz. 25, 26. Immers God zelf is hier aan het woord, zoals duidelijk blijkt uit vers 5 en 7!

 

Schrijf een commentaar: (Klik hier)

123website.nl
Tekens over: 160
OK Verzenden.
Bekijk alle commentaren

Nieuwe commentaren

16.11 | 23:12

Dat klopt echt niet hoor, want Uw Bijbel leert in Daniel 2:44 en 7:13,14 dat Jezus nu koning is in de Hemel. En wat dacht u van Op11:15?
(Matth24:23-26)

...
16.11 | 21:09

Jezus loopt al lang rond op deze wereld.... Velen kijken wel,maar zien het niet. Velen luisteren wel, maar horen het niet........ twitter : JitzzzB

...
15.09 | 22:54

Beste Rob,
De psalmist (36:9) zei over de Schepper: „U bent de bron van al het leven, en wegens uw licht zien wij het licht”. Zie ook Hand4:24, 14:15 en 17:24.

...
15.09 | 18:53

We kunnen het ook zo lezen dat in het Woord het geheimenis Ef3:9 verborgen was. Het Woord dan verstaan als de schepping en als het Woord dat God sprak.

...
Je vindt deze pagina leuk