De Almachtige Vader

De Almachtige Vader en Schepper

Wat staat er in de Bijbel over de ALMACHTIGE? 

Het woord „Almachtige” is een vertaling van het Hebreeuwse woord Sjad·dai′ en het Griekse woord Pan·to′kra·tor. Beide woorden dragen het begrip kracht of macht over.

De Hebreeuwse term. In de Hebreeuwse tekst wordt Sjad·dai′ zevenmaal in samenhang met ʼEl (God) gebruikt, waardoor de titel „God de Almachtige” ontstaat (Ge 17:1; 28:3; 35:11; 43:14; 48:3; Ex 6:3; Ez 10:5). Op de andere 41 plaatsen waar dit woord voorkomt, staat het alleen en wordt het met „de Almachtige” vertaald. Evenals ʼAdho·nai′ (Soevereine Heer) en ʼElo·him′ (God) staat Sjad·dai′ in het meervoud ter aanduiding van uitnemendheid. — Ge 49:25; Nu 24:4; Ps 68:14.

God gebruikte de titel „God de Almachtige” (ʼElSjad·dai′) toen hij aan Abraham zijn belofte betreffende de geboorte van Isaäk deed, een belofte die van Abraham vereiste dat hij groot geloof had in Gods macht om die belofte te vervullen. Daarna werd deze titel ook gebruikt toen er over God werd gesproken als degene die Isaäk en Jakob als erfgenamen van het Abrahamitische verbond zou zegenen. — Ge 17:1; 28:3; 35:11; 48:3.

Macht impliceert de kracht of het vermogen om een voornemen te volvoeren of te verwezenlijken en hindernissen of tegenstand te overwinnen. De titel dient ook als verzekering van Gods vermogen om te zegenen (Ge 49:25) en waarborgt allen die op hem vertrouwen, veiligheid en zekerheid: „Al wie in de schuilplaats van de Allerhoogste woont, zal zich overnachting verschaffen onder de schaduw zelf van de Almachtige.” — Ps 91:1.

In het boek Job komt de uitdrukking Sjad·dai′ 31 maal voor, en alle personen die in het daar uitgebeelde drama een rol spelen, gebruiken die uitdrukking. Gods macht om te straffen of onheilen te veroorzaken, wordt beschreven (Job 6:4; 27:13-23), zodat degenen die zeggen: „Wat heeft de Almachtige te betekenen, dat wij hem zouden dienen, en wat baat het ons dat wij met hem in contact zijn gekomen?” en die daarom op hun eigen kracht vertrouwen, kunnen verwachten dat zij zullen drinken „van de woede van de Almachtige” (Job 21:15, 16, 20). De Almachtige verdient het derhalve geëerbiedigd, ja, gevreesd te worden, aangezien het onmogelijk is ongestraft zijn wil te negeren of zijn wet te overtreden (Job 6:14; 23:15, 16; 31:1-3), zelfs al wordt de uitdrukking van zijn macht niet onmiddellijk waargenomen (Job 24:1-3, 24; vgl. Ex 9:14-16; Pr 8:11-13). Toch wendt hij zijn kracht en macht altijd in volledige overeenstemming met gerechtigheid en rechtvaardigheid aan, nooit op een onbeheerste, willekeurige, onberekenbare of onverantwoordelijke wijze (Job 34:10, 12; 35:13; 37:23, 24). Daarom is er voor de mens geen geldige reden om met hem te twisten of hem te bekritiseren (Job 40:2-5). Zij die rechtvaardigheid beoefenen, kunnen zich vol vertrouwen tot hem wenden en zich in een persoonlijke verhouding met hem verheugen (Job 13:3; 29:4, 5; 31:35-37). Als Schepper is hij de Bron van leven en wijsheid. — Job 32:8; 33:4.

De Griekse term. In de christelijke Griekse Geschriften komt het woord Pan·to′kra·tor tienmaal voor, waarvan negenmaal in het boek Openbaring. De grondbetekenis van dit woord is „Almachtige” of „Alvermogende”. De wijze waarop het in de christelijke Griekse Geschriften wordt gebruikt, bevestigt de opvatting dat de Hebreeuwse term Sjad·dai′ „Almachtige” betekent, want anders zou er in de Hebreeuwse Geschriften geen term zijn die met het begrip Pan·to′kra·tor overeenkomt.

In 2 Korinthiërs 6:18 doet Paulus een aanhaling uit de Hebreeuwse Geschriften om christenen op het hart te drukken valse aanbidding en het gebruik van levenloze, machteloze afgodsbeelden te mijden, opdat zij ervoor in aanmerking kunnen komen kinderen van „de Almachtige [Pan·to′kra·tor]” te zijn. Uit de door de apostel aangehaalde passages blijkt duidelijk dat de titel hier betrekking heeft op de Schepper.

Op soortgelijke wijze wordt de titel Pan·to′kra·tor in de hele Openbaring op de Schepper en Koning der Eeuwigheid toegepast. Een voorbeeld hiervan is „het lied van Mozes, de slaaf van God, en het lied van het Lam [Jezus Christus]”, waarin de Almachtige God geprezen wordt als degene die het waard is door alle natiën aanbeden en gevreesd te worden (Opb 15:3; vgl. Opb 21:22). Zijn Zoon, Christus Jezus, „Het Woord van God”, zal in zijn positie van door God gezalfde koning deze „gramschap van God de Almachtige” jegens de natiën tot uitdrukking brengen (Opb 19:13-16). Deze van grote macht getuigende uitdrukkingen van Gods rechterlijke beslissingen zullen echter nog steeds volledig in harmonie zijn met zijn maatstaven van waarheid en rechtvaardigheid. — Opb 16:5-7.

 

Schrijf een commentaar: (Klik hier)

123website.nl
Tekens over: 160
OK Verzenden.
Bekijk alle commentaren

Nieuwe commentaren

27.05 | 16:38

Bedankt Jan, En Gods woord de Bijbel kan iedereen daar het beste bij helpen. Vooral als je zijn eigen unieke Naam daarbij gebruikt in je persoonlijke gebeden.

...
27.05 | 16:29

Toen ik leerde dat God geen deel van een drie-eenheid is kon ik eindelijk een persoonlijke band met hem opbouwen.”

Een mens openbaart hem zelf.

...
06.04 | 21:56

Bedankt Maurits, De complimenten voor je serieuze zelfonderzoek en bevestiging van de conclusie dat de kerkelijke leer van de Drie-eenheid dus Onbijbels is.

...
06.04 | 21:46

Wat is dit een leuke site zeg!! Ik heb dit ook eindeloos bestudeerd met Jehovah Getuigen en zelf. Mijn conclusie Drie eenheid bestaat niet.

...
Je vindt deze pagina leuk